Dit jaar worden de regels voor export van plastic afval naar landen buiten de EU strenger. Vanaf mei is een kennisgeving verplicht, vanaf november mag er helemaal geen plastic afval meer naar landen die geen OESO-lid zijn, en vanaf mei 2027 moeten alle EU-bedrijven die afval buiten de EU exporteren, zorgen dat verwerkers dit op een milieuverantwoorde manier doen.

De EU wil graag dat zoveel mogelijk Europees plastic afval binnen Europa gerecycled wordt. Aanpassing van de exportregels voor plastic afval moet dit stimuleren. De ILT bestudeert in een verkennend onderzoek de reactie van de afvalmarkt bij strengere exportregels op de verwerking van plastic afval buiten Europa.
De ILT keek naar verschillende scenario’s als de strengere regelgeving van kracht wordt. Zo zou het kunnen dat er binnen de EU gezocht wordt naar landen waar het toezicht minder streng of intensief is om het vanuit daar te verschepen. Of plastic afval krijgt een ander label, zoals de code ‘product’ of ‘brandstof’, om het alsnog te exporteren.
De ILT schat de kans groot in dat Nederlandse exporteurs van plastic afval alternatieve manieren zullen zoeken om plastic toch naar het buitenland te sturen. De verscherpte regelgeving zal er waarschijnlijk toe leiden dat de export van plastic afval zich verplaatst naar OESO-landen, zoals Turkije. Het zal er waarschijnlijk niet toe leiden dat meer plastic afval binnen Nederland, of andere Europese landen, verwerkt wordt.
De ILT wil met dit onderzoek anticiperen op het exportverbod en voorbereid zijn op veranderingen in gedrag van afvalhandelaren en -exporteurs. Ze zal handhavend optreden als dat gedrag in strijd is met de strengere wetgeving en daarmee schadelijk is voor mens en milieu.
Nederland is een van de grootste in- en exporteurs van plastic afval. Een deel van de Nederlandse export gaat naar landen die geen lid zijn van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).







