De Europese PVC-industrie staat onder zware druk. Dat wordt pijnlijk zichtbaar bij Vynova, producent van PVC en chlor-alkali, die de afgelopen maanden ingrijpende maatregelen heeft genomen in de Benelux. De PVC-productie in Beek (NL) is beëindigd, terwijl vestigingen in Tessenderlo (BE) en Maastricht (NL) kampen met financiële problemen.

Vynova kondigde in juli 2025 aan de PVC-productie op de Chemelot-site in Beek te beëindigen. De productie is inmiddels definitief stopgezet per november 2025. De locatie had een capaciteit van circa 225.000 ton PVC per jaar en bood werk aan ongeveer 100 medewerkers.
Volgens Vynova was de beslissing onvermijdelijk door een combinatie van lage vraag, wereldwijde overcapaciteit en toenemende concurrentie van producenten buiten Europa, waar energie- en productiekosten aanzienlijk lager liggen. De sluiting past in een bredere trend waarin Europese PVC-producenten hun capaciteit herzien of afbouwen.
Financiële uitdagingen in Tessenderlo en Maastricht
Begin 2026 werd bekend dat Vynova voor meerdere vestigingen uitstel van betaling heeft aangevraagd:
- In Tessenderlo-Ham (België) kreeg Vynova bescherming tegen schuldeisers. De fabriek, waar enkele honderden mensen werken, blijft operationeel terwijl het bedrijf werkt aan een herstructureringsplan.
- In Maastricht betreft het Vynova Advanced Organics (AO), een kleinere vestiging met circa dertig medewerkers. De rechtbank verleende surseance van betaling, een tijdelijke juridische bescherming tegen schuldeisers, zodat het bedrijf een plan kan maken om de activiteiten te reorganiseren of mogelijk te verkopen. Dit is geen financiële steun vanuit de overheid, maar een beschermingsmaatregel uit de faillissementswetgeving.
Vlaamse overheid biedt steun
De situatie rond Vynova is ook onderwerp van politiek debat in Vlaanderen. Uit informatie van de Vlaamse regering blijkt dat Vynova de afgelopen jaren aanzienlijke steun heeft ontvangen, onder meer in de vorm van compensatie voor indirecte emissiekosten. Deze steun is bedoeld om energie-intensieve bedrijven te helpen concurrerend te blijven binnen Europa.
In tegenstelling tot Maastricht betreft het hier structurele steun en subsidies, niet alleen een juridisch beschermingsmechanisme. De Vlaamse overheid volgt de situatie nauwlettend en benadrukt dat verdere steun moet passen binnen Europese staatssteunregels.







